Fotografie voor de beginneling

Hoi allemaal! Tijd voor een nieuwe blog. Vandaag pakken we een nieuw onderwerp, namelijk fotografie. Je ziet ze overal: instagram, facebook, pinterest, verspreid op internet: mooie foto’s. En dan denk je misschien wel bij jezelf, “ik zou willen dat ik ook zulke mooie foto’s kan maken”. En daar is deze blog voor! Want ook jij kan deze mooie foto’s maken.

Ik heb lang gedacht over hoe ik dit ga aanpakken. Ik kan zoveel vertellen over mijn passie, maar we houden het vandaag bij de basis. Ik neem je mee door een aantal belangrijke punten die moet weten om een mooie foto te maken. Hierbij gaan we het hebben over de belichtingsdriehoek en over de compositie.

 

Een goed begin is het halve werk

Hoe begin je dan? DSLR? Point and shoot? Canon vs Nikon? Er is zoveel keus, maar voor mooie foto’s hoef je helemaal niet de duurste camera te hebben. Sterker nog, je kan tegenwoordig met je eigen smartphone al een heel eind op weg. Belangrijker zijn de instellingen die je gebruikt om een goede foto te maken.

Om een goede foto te maken staat de belichtingsdriehoek centraal. Deze bestaat uit drie factoren: sluitertijd, diafragma en ISO. Klinkt allemaal ingewikkeld, maar het is minder moeilijk dan je zou denken. Eenmaal met deze drie in de basis, kun je gaan experimenteren. Dat is natuurlijk de beste manier om hier grip op te krijgen. En het is nog eens leuk om te doen 😉 !

 

Sluitertijd

De sluitertijd is de tijd waarin de sensoren van de camera blootgesteld worden aan het beschikbare licht. Het bepaalt je belichting en wordt vaak ook wel de belichtingstijd genoemd. Een korte sluitertijd houdt in dat er minder tijd is om licht op te vangen. Hierdoor wordt je foto donkerder. Een langere sluitertijd betekent dus dat er meer tijd is om licht op te vangen en je foto dus lichter wordt. Naast het licht, beïnvloedt de sluitertijd ook de scherpte van de beweging op je foto. Met een korte sluitertijd kan je beweging op een bepaald moment laten “bevriezen”. Je maakt dan een foto van een moment in een beweging. Met een langere sluitertijd kan je de beweging als een vloeiende beweging vastleggen.

                                                          

 

 

 

 

 

 

 

De foto links is gemaakt met een lange sluitertijd van 1/50e seconde. Door dat er dus meer tijd is om een foto te maken zie je dat het onderwerp, in dit geval mijn kat Jimmy, onscherp is. Maar de foto rechts is gemaakt met een korte sluitertijd van 1/640e seconde. Doordat er veel minder tijd is om een beweging vast te leggen, lijkt het alsof het moment bevroren is.

Een leuk onderwerp met lange sluitertijden is light art. Hier kan je in een lange tijd met een lichtbron een leuke foto maken, zoals bijvoorbeeld het woordje LOVE zoals op onderstaande foto.

Voor een langere sluitertijd is het verstandig om je camera dan stil te houden. Dit kan door het op een vlak oppervlakte te zetten of door het op een statief te bevestigen.
Diafragma

De diafragma is simpelweg gezegd de lensopening. Deze bestaat uit een aantal schijven die lamellen genoemd worden. Deze schuiven over elkaar en creëren zo een cirkel. Om een goed belichte foto te maken regel je met de diafragmawaarde hoeveel licht je doorlaat. Je regelt dus de grootte van de opening, de cirkel, waar het licht doorkomt en op de sensor in de camera terechtkomt.

De diafragmawaarde wordt met een F-getal weergegeven. Een lage F-waarde betekent een grote lensopening waardoor er veel licht wordt doorgelaten. Hoe hoger de F-waarde, hoe kleiner de lensopening en hoe minder licht er doorgelaten wordt. F32 betekent dus dat er heel weinig licht doorkomt en je foto heel donker zal zijn. Om te voorkomen dat je foto donker uitpakt, moet je de sluitertijd hoger instellen.

Bij het veranderen van de diafragmawaarde, verander je niet alleen hoeveel licht er wordt doorgelaten, maar ook de scherptediepte.Het gaat hier om de onscherpte die ontstaat doordat het onderwerp buiten het scherptevlak ligt. Hoe groter de diafragmawaarde (een kleine lensopening dus), hoe meer details er op je foto te zien zijn. Een kleine diafragmawaarde (een grote lensopening) betekent dus hoe minder details er te zien zijn en hoe weinig scherptediepte er te zien is.

                                     

 

 

 

 

 

 

 

Om een duidelijk beeld te krijgen wat nou precies het verschil tussen een grote diafragma waarde en een kleine diafragmawaarde heb ik twee foto’s naast elkaar gezet. De linkerfoto is gemaakt met een diafragmawaarde van 22 (F22) en op de rechterfoto is gemaakt met een diafragmawaarde van 5.6 (F5.6). Je ziet op de linkerfoto dat het plantje achteraan veel scherper is dan wanneer je een kleine diafragma waarde instelt.

Spelen met de diafragma kan veel creatieve foto’s opleveren. Een bekend fenomeen als gevolg van een lage diafragmawaarde is bokeh. Door de scherptediepte als het ware uit te schakelen, kan je vage bolletjes krijgen, bokeh. De onderstaande foto is gemaakt met kerst. Met een diafragmawaarde van 4.8 (F4.8) worden de lampjes in de kerstboom vage bolletjes. Hier kan je veel leuke experimenten op los laten, dus ga dat vooral doen!

 

ISO/Lichtgevoeligheid

De laatste factor van de belichtingsdriehoek is de lichtgevoeligheid ook wel ISO genoemd. De ISO-waarde bepaalt de lichtgevoeligheid van de pixels op de sensoren van de camera. Een hoge ISO-waarde zorgt er voor dat je camera zo gevoelig kan worden dat dit soms voor wat “ruis” op je foto kan zorgen, dus het is slim om normaal de ISO-waarde zo laag mogelijk te houden. De ISO-waarde verander je eigenlijk alleen als je minder licht tot je beschikking hebt dan dat je zou willen. Het is dan het beste om het stapje voor stapje omhoog te brengen om te voorkomen dat de kwaliteit van je foto door de ruis achteruit gaat. Als je liever niet aan de ISO wilt zitten, kan je altijd nog een lange sluitertijd instellen bij donkere omgevingen.

                                                               

 

 

 

 

 

 

 

De linkerfoto is gemaakt met een snelle sluitertijd van 1/1000e seconde met een hoge ISO van 3200. Met beperkte licht en een snelle sluitertijd pakt de foto donker uit en in combinatie van een hoge ISO zie je veel ruis op de foto. Niet heel mooi dus. Maar de rechterfoto is gemaakt met een langere sluitertijd van 1/100e seconde en een lagere ISO van 2500. De foto is dan veel lichter door de lange sluitertijd en heeft minder ruis door de afgenomen lichtgevoeligheid.
Compositie

Nu we de basis hebben van de belichtingsdriehoek is er nog één ding om een mooie foto te maken: compositie. Daar hebben we een simpele regel voor, genaamd de regel van derden. Voor de regel van derden geldt dat er een denkbeeldige grid van 3 x 3 wordt gebruikt om zo het onderwerp van je foto in verhouding tot de omgeving te krijgen. Bij bijna alle camera’s en smartphones kun je deze grid aanzetten om hier mee te oefenen. In de onderstaande afbeelding van de haan zie je het belang van een goed gecentreerde foto. 

 

Met deze kennis in de basis, kun je nu ook jouw camera of smartphone pakken en mooie foto’s maken! En als het niet de eerste keren lukt, dan blijf je het proberen. Het is blijven experimenteren, blijven proberen en blijven uitzoeken. Oefening baart kunst! Maar het belangrijkste nog: wees vooral creatief, met fotografie kan je zoveel! De basisregels heb je in de pocket en eenmaal je die onder de knie hebt kan je van alles. You got to know the rules, to break the rules! Dan begint het echt leuk te worden. Veel succes en vooral veel plezier 😉 !

 

3 Comments

  1. Pingback: Fotografie voor de beginneling: Compositie – Vincent van Blog

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *